Je salaris slim indelen: het rekeningen- en potjessysteem
Jarno Koopman
Oprichter Waar blijft het · 18 juni 2026
Herken je dit?
Je salaris komt binnen op één rekening, en daar betaal je alles van. Aan het einde van de maand kijk je wat er nog staat, en dat valt elke keer tegen.
Na dit artikel weet je:
- ✓Waarom je salaris op één rekening laten staan bijna altijd misgaat
- ✓Hoe je met een paar rekeningen en potjes je geld op de dag van je salaris al verdeelt
- ✓Hoeveel je idealiter opzij zet en hoe je sparen automatisch maakt in plaats van een keuze
De meeste mensen krijgen hun salaris op één rekening, en betalen daar alles van: vaste lasten, boodschappen, leuke dingen en wat er toevallig nog langskomt. Wat overblijft, blijft over. En meestal blijft er weinig over, want zolang alles op één hoop staat, voelt elke euro beschikbaar. Een potjessysteem draait dat om: je verdeelt je geld vóórdat je het uitgeeft.
Jezelf eerst betalen
Het principe heet jezelf eerst betalen. Niet sparen wat er aan het einde van de maand overblijft, maar aan het begin een vast bedrag wegzetten en de rest verdelen over je uitgaven. Dat klinkt als een klein verschil, maar het draait de logica volledig om. Sparen wordt geen restpost meer, maar de eerste betaling die je doet.
Het Nibud adviseert om ongeveer 10 procent van je netto-inkomen te sparen. In werkelijkheid komt de gemiddelde Nederlander niet verder dan zo'n 6,5 procent, juist omdat het van de restpost moet komen. Wie het vaste bedrag vooraf afroomt, haalt die 10 procent veel makkelijker.
Hoeveel rekeningen heb je nodig?
Je hebt geen ingewikkeld systeem nodig. Voor de meeste huishoudens werkt een opzet met drie of vier rekeningen het beste.
Een vaste-lastenrekening waar al je vaste lasten van afschrijven, en waar je salaris als eerste binnenkomt. Een huishoudrekening of aparte pas voor dagelijkse uitgaven zoals boodschappen en tanken, waar je per week of per maand een vast bedrag op zet. Een spaarrekening voor je buffer en spaardoelen. En eventueel een aparte rekening of potje voor de jaarlijkse en onregelmatige uitgaven, zodat de verzekeringspremie of de gemeentelijke aanslag je nooit meer verrast.
Veel banken laten je binnen één rekening losse potjes aanmaken. Of je nu losse rekeningen of potjes gebruikt maakt niet uit, het effect is hetzelfde: geld krijgt een bestemming voordat je het ziet als vrij besteedbaar.
Automatiseren op de dag van je salaris
De kern van het systeem is dat je het niet elke maand opnieuw hoeft te beslissen. Zet automatische overboekingen klaar op of net na de dag dat je salaris binnenkomt. Op die ene dag verhuist het geld naar je dagelijkse rekening, je spaarrekening en je potje voor onregelmatige uitgaven. Wat dan nog op je hoofdrekening staat, is wat je vrij kunt besteden, en dat mag op. Heb je een wisselend inkomen als zzp'er? Verdeel dan op een vaste dag per maand vanuit je buffer, in plaats van op de dag dat een factuur toevallig betaald wordt.
Dit is hetzelfde principe als de potjesmethode die veel gezinnen gebruiken. Hoe dat er voor een gezin uitziet, lees je in mijn artikel over de potjesmethode voor een gezin. Wil je weten hoe je je inkomen verdeelt over vaste lasten, vrij besteedbaar en sparen, dan helpt de 50/30/20-regel je op weg.
Eerst de buffer, dan de doelen
Voordat je voor leuke doelen gaat sparen, bouw je een buffer op. Het Nibud houdt drie tot zes maanden vaste lasten aan als gezonde reserve. Die buffer vangt de kapotte wasmachine en de tegenvaller op, zodat je niet elke keer je maandbudget hoeft te plunderen.
Staat de buffer, dan komen de doelen. Geef elk doel een eigen potje met een naam en een bedrag per maand. Een doel met een naam wordt veel vaker gehaald dan een vaag voornemen om te sparen. Hoeveel je per maand opzij moet zetten voor een concreet doel, reken je na in mijn artikel over spaardoelen en maandelijkse inleg. En of je genoeg opzij zet, zie je in hoeveel sparen per maand normaal is.
Voordat je gaat verdelen, wil je weten met welke bedragen je werkt. De gratis analyse laat zien wat er na je vaste lasten overblijft, zodat je weet hoeveel er per potje kan.
Start de gratis analyse →Benieuwd hoe jouw situatie eruitziet? Doe de gratis analyse en zie direct waar jouw geld naartoe gaat.
Start de gratis analyse →Veelgestelde vragen
Hoeveel bankrekeningen heb ik nodig?
Voor de meeste huishoudens werkt een opzet met drie of vier rekeningen het beste: een vaste-lastenrekening, een rekening voor dagelijkse uitgaven, een spaarrekening voor buffer en doelen, en eventueel een potje voor jaarlijkse en onregelmatige uitgaven. Losse potjes binnen een rekening werken net zo goed.
Wat betekent jezelf eerst betalen?
Niet sparen wat aan het einde van de maand overblijft, maar aan het begin een vast bedrag wegzetten en de rest verdelen. Zo wordt sparen geen restpost meer maar de eerste betaling die je doet. Het Nibud adviseert ongeveer 10% van je netto-inkomen te sparen.
Hoeveel buffer moet ik aanhouden?
Het Nibud houdt drie tot zes maanden vaste lasten aan als gezonde reserve. Bouw die buffer eerst op voordat je voor leuke doelen gaat sparen, zodat een tegenvaller je maandbudget niet meer omgooit.
Bronnen
Geschreven door Jarno Koopman
Keihard werken en tóch niets overhouden. Dat gevoel ken ik. Goed salaris, niks geks gedaan, en toch liepen de spaarpotten leeg. Nu kijk ik mee met mensen in dezelfde situatie. Meer over mij →